• Home Slider01

Short sea schipOm waterstof in de binnenvaart en short sea snel te ontwikkelen is meer samenwerking nodig. Dat blijkt uit het rapport ‘Waterstof in de binnenvaart en short sea’ dat de afgelopen week door het Nederlandse Expertise en InnovatieCentrum Binnenvaart (EICB) is gepresenteerd. Er lopen in Nederland en Europa meer dan 70 initiatieven, maar kennis wordt niet snel genoeg gedeeld. Daardoor zijn tientallen initiatiefnemers met dezelfde onderzoeken bezig.

Het Nederlandse kabinet zet stevig in op de ontwikkeling van waterstof als energiedrager. Eind maart publiceerde minister Wiebes de Kabinetsvisie Waterstof. Daarin wordt genoemd dat de toepassing van waterstof binnen het zwaardere vervoer -waaronder de binnenvaart- een belangrijke impuls kan geven aan het ontwikkelen van de markt voor waterstof als energiedrager.

In Noordwest Europa lopen momenteel 63 concrete uitvoeringsprojecten op het gebied van waterstofaandrijving van schepen. In Nederland zijn 25 uitvoeringsprojecten geregistreerd, maar waarschijnlijk is er nog een grote hoeveelheid stilzwijgende initiatieven van scheepseigenaren die de potentie van waterstof zien, maar de stap nog niet durven te nemen. Dit soort onderzoeken is wenselijk en zelfs noodzakelijk. Een versnelde toename van het aantal schepen op waterstof kan alleen slagen als er via succesvolle demonstratieprojecten meer ervaring wordt opgedaan.  Daarmee ontstaat ook meer vertrouwen bij ondernemers in de binnenvaart om de overstap naar de waterstof-elektrische aandrijving te maken.

Het EICB heeft vijf pijlers van succesvolle waterstoftoepassing op een schip onderzocht: de interne pijler (veilige technische toepassing aan boord: ontwerp, ombouw etc.), de infrastructuur (netwerk van bunkerlocaties), operationele kosten (voornamelijk brandstofprijs), investeringskosten (aanschaf van brandstofcellen etc.), het juridische- en veiligheidskader (toestemming voor varen op waterstof).

Het onderzoek maakt duidelijk dat scheepseigenaren alleen goed zijn toegerust om de interne pijler te realiseren. Voor de andere pijlers is expertise nodig die zij niet hebben, of financiële participaties omdat eigen kapitaal ontbreekt. Ook ontstaat het beeld dat bij de nu concreet lopende waterstofprojecten de betrokken scheepseigenaren bij elk van de laatste vier pijlers telkens opnieuw hetzelfde onderzoeken. Dit belemmert de sector bij het snel en breed uitrollen van waterstoftoepassingen. Om de problemen bij de laatste vier pijlers op te lossen is er behoefte aan expertise rond veiligheid, grootschalige investeringen, kosten van waterstof en afstemming van (inter)nationale regelgeving.

De overheid heeft in deze ontwikkelopgave voornamelijk een coördinerende en faciliterende rol, maar kan niet succesvol zijn zonder medewerking van verladers, brandstofleveranciers en het bankwezen. Daarnaast spelen regionale overheden en havenbedrijven een vitale ondersteunende rol. Zonder samenwerking komen waterstofprojecten moeizaam tot ontwikkeling. Het hele rapport leest u hier.

 

Het actuele waterstofnieuws gratis in uw mailbox? Schrijf u in voor de  wekelijkse nieuwsbrief.

logo2

Amsterdam  |  The Netherlands  |  innovatiegilde pakhuis Noorderhaven  |  7202 DD 49  |  Zutphen  |  redactie@waterstofmagazine.nl